|
|||||||||||||||||||||||
Rijkdom aan vormen en kleuren bij vuursteenVormenrijkdom van vuursteen Vuursteen komen we tegen in kalksteenafzettingen. Als voorbeeld zullen we hier het voorkomen bekijken in de kalksteen uit het Boven-Krijt, zoals we die in Zuid-Limburg en het aangrenzende gebied aantreffen. De vuursteen vinden we daar in een groot aantal lagen, de zogenaamde vuursteenbanken. Als we deze vuursteenbanken wat nader bekijken, valt op dat de erin voorkomende vuurstenen heel verschillend van vorm kunnen zijn. Bijvoorbeeld banken met heel grillige vuurstenen. Waarschijnlijk zijn deze ontstaan in graafgangen van dieren uit de Krijtzee die later zijn ingeklonken en daardoor vervormd. Minder ingeklonken gangen zijn natuurlijk minder vervormd waardoor de vuurstenen die erin zijn ontstaan er meer regelmatig uitzien. Bijzonder zijn de vuurstenen die in of rond het gangenstelsel van kreeftachtigen zijn ontstaan. Ze zijn buisvormig en soms vertakken ze zelfs. Dit prikkelt nogal eens de fantasie van mensen waardoor deze graafgangen voor allerlei soorten fossielen worden gehouden. Zo ziet men er botten en delen van geweien in. Men heeft zelfs eens een graafgang voor een staart van een olifant aangezien. In dergelijke buisvormige vuurstenen treffen we soms een harde kern uit deels verkiezelde kalksteen aan die geheel of gedeeltelijk los kan zitten. Ook komen graafgangvuurstenen voor die helemaal hol zijn. Dan zijn er nog plaatvormige, knolvormige en zelfs min of meer ronde vuurstenen mogelijk.
Kleurenrijkdom van vuursteen Naast een rijkdom aan vormen kennen we een diversiteit in kleuren bij vuursteen. Zuivere vuursteen is vrijwel doorzichtig en dus eigenlijk kleurloos. De kleuren van het gesteente hebben te maken met verontreinigingen in de steen. Deze verontreinigingen kunnen bestaan uit ijzer, calciet, pyriet en glauconiet. Maar ook organische verontreinigingen kunnen bepalend zijn bij de kleur. Bij zwerfstenen kan de kleur van de vuursteen aan de buitenkant anders worden door verwering. Er ontstaat dan een zogenaamde patina die weer allerlei kleuren kan hebben. De omgeving waarin de vuursteen zich bevindt, kan de kleur van deze patina meebepalen. Kleurbanden in het gesteente hebben te maken met de opbouw ervan: vanuit een kern worden dan steeds nieuwe lagen gevormd die anders van opbouw zijn en die andere verontreinigingen kunnen hebben.
We treffen vuursteen aan van zwart tot vuilwit met alle schakeringen en overgangen daar tussenin. Maar ook bruine, gelige, blauwachtige en rode vuurstenen zijn bekend. Soms komen in de vuursteen allerlei anders gekleurde vlekken en vlekjes voor. Naast de verschillen in kleur zijn er nog verschillen in structuur. Vuursteen kan variëren van grofkorrelig tot vrijwel glasachtig.
Verwering en erosie bij vuursteen Door erosie en verwering kunnen vuurstenen vrijkomen uit de banken in de kalksteenafzettingen. Vervolgens kunnen allerlei krachten aan het werk gaan om ze af te breken. Hierdoor zal er uiteindelijk niets dan gruis van overblijven. Als vuursteen aan of nabij de oppervlakte ligt, zal hij door snelle temperatuurschommelingen (uitzetten en inkrimpen) scheurtjes en barstjes krijgen. Hier kan regenwater in doordringen. Bij vorst verandert dit water in ijs dat een groter volume dan het water heeft. Hierdoor wordt druk op de zijden van de barstjes uitgeoefend waardoor ze wijder worden. Als zich dit proces vaak herhaalt, zal de vuursteen uiteindelijk in stukjes uit elkaar vallen. We spreken dan van vorstsplijtingen. Aan zee kan de branding vuurstenen tot gruis reduceren.
Vuursteenknollen die bij kalksteenkliffen in zee terechtkomen, zullen door het heen en weer rollen en tegen elkaar botsen door de branding afgerond worden en in rolstenen veranderen. Bij kalksteenkliffen vinden we vaak stranden die uit zulke rolstenen zijn opgebouwd. De zogenaamde Maaseitjes die we in de kalksteengebieden van Nederlands en Belgisch Limburg en verder stroomafwaarts in Maasafzettingen tegenkomen, getuigen van een dergelijk afbraakproces met kalksteenkliffen toen de Limburgse kalkstenen ver in het geologische verleden deel uitmaakten van een kustgebied. Rolstenen zijn echter niet het einde van het afbraakproces. Door het steeds weer tegen elkaar botsen, gaan ze binnenin barstjes en scheurtjes vertonen. Aan de buitenkant is daar vaak niets van te zien. Een gerichte klap met een andere steen op zo'n rolsteen is genoeg om hem in vele stukken uit elkaar te laten vallen. En die vele stukken zullen uiteindelijk weer door branding, vorst en temperatuurverschillen verder worden afgebroken. De vormenrijkdom van vuursteen is dus ook een verhaal van verwering en erosie.
Tekst en foto's: Jan Weertz |
|||||||||||||||||||||||
© De Belemniet |