De Belemniet

Home

Onderwerpen

Producten

Excursiepunten

Contact

Links

Over ons

Sitemap

De Gulp van bron tot monding

De Gulp is een zijriviertje van de Geul dat ontspringt bij het gehucht Gulpen tussen de plaatsen Henri-Chapelle en Hombourg in de Belgische (Waalse) provincie Luik. In deze overwegend Franstalige provincie kent men het riviertje als 'la Galoppe', ook wel 'la Gulpe' genoemd. Net zoals dat bij de Geul het geval is, is het ook hier ondoenlijk om een echte bron te vinden. Net voorbij een dwergbosje bij een boerderij, stroomt er ineens een minuscuul watertje langs de weg die eveneens Gulpen heet. Naar het schijnt ligt de oorsprong daarvan in het bosje. Van een echte bron zoals we die bijvoorbeeld bij de Maas of de Ahr kennen, is hier naar het zich laat aanzien geen sprake. Het is meer zoals bij de Geul; het water schijnt overal bij dat bosje als een spons uit de grond te komen om dan verzameld als een watertje langs de straat Gulpen verder te stromen. Navraag bij mensen uit de buurt levert ook niet zo veel op. Een bron van 'la Gulpe' kennen ze niet, maar ook de ter plaatse stromende Gulpe niet. Op zich is dat niet zo verwonderlijk want dat watertje langs de weg heeft nauwelijks tot niet het karakter van een riviertje. In tegenstelling tot sommige andere rivieren geniet de bron geen toeristische bekendheid. Daar komt nog bij dat het watertje dat hier langs de weg stroomt, in het groeiseizoen bij dat bronbosje alleen maar te herkennen is aan het kabbelende geluid van water dat hier van onder de dichte begroeiing in het greppeltje te horen is (afbeelding 1). Te zien is er dan nog niets, tenminste niet tijdens die hete, droge nazomerdag na de al eveneens hete en extreem droge zomer van 2018 als wij door het brongebied trekken. Pas een stukje verderop, bij huisnummer 269, lukt het ons om een eerste glimp van het stroompje tussen de dichte begroeiing op te vangen. Verder stroomafwaarts, pas ter hoogte van huisnummer 80 is aan de rechterkant van de weg duidelijk stromend water te zien (afbeelding 1). De Gulp is hier inmiddels een heel klein riviertje geworden. Maar al voor dat punt is er hoogstwaarschijnlijk al sprake van een echt klein riviertje. De Gulp kabbelt daar echter een stuk van de weg af door de weilanden en die zijn privéterrein waardoor je er niet bij kunt komen (afbeelding 1). Vanaf de weg zien we echter hoe daar het greppeltje door het grasland kronkelt. Het probleem van het privéterrein zullen we bij het verdere vervolgen van de Gulp steeds weer tegenkomen. Daarbij verschilt het riviertje niet van andere rivieren; we kunnen het maar op een aantal plaatsen tussen bron en monding direct langs de oever volgen en bekijken. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 1. Het eerste stuk vanaf de bron is de Gulp nauwelijks als een riviertje herkenbaar. Je hoort hier alleen het kabbelen van het water in een dicht begroeid greppeltje (links). Een stuk verderop ziet men in de weilanden al duidelijk waar het riviertje omzoomd door wilgen door het landschap slingert. In het weiland groeit pitrus die duidt op de vochtige bodem die het brongebied van de Gulp kenmerkt (midden). Ter hoogte van huisnummer 80 aan de weg Gulpen zien we aan de rechterkant van de weg voor het eerst duidelijk het water van het riviertje stromen (rechts).

De weg Gulpen komt na enige tijd uit op de Rue d'Aubel (N608). Enkele tientallen meters naar rechts op deze weg zien we een bruggetje, waar de Gulp onderdoor stroomt, die hier al weer wat meer water meevoert. Dat is niet zo verwonderlijk want onderweg zijn er allerlei kleine watertjes in uitgemond die allemaal kleine hoeveelheden water toevoeren. Alles bij elkaar zorgt dat er toch voor dat de Gulp aardig kan groeien. 

Vanaf de weg Gulpen steken we de Rue d'Aubel over en vervolgen onze weg over de Rue de Rémersdael. De Gulp stroomt aan onze rechterkant maar is vanaf de weg niet te zien. Na ongeveer driekwart kilometer ligt aan de rechterkant van de weg de Rue de la Station. Hier kunnen we de Gulp weer zien als ze onder een bruggetje in de weg doorstroomt (afbeelding 2). Echt mooi is het uitzicht er helaas niet maar daar zal straks verandering in komen. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 2. Bij het bruggetje over de Rue de la Station zien we dat men in het Frans de Gulp niet alleen La Galoppe en La Gulpe noemt maar dat er ook nog de variant La Gulp is (linksboven). De beboste hellingen aan de rechterkant van het Gulpdal (rechtsboven). De spoorwegbrug zoals die vanaf de weg Bounder te zien is (linksonder). De Gulp vlakbij het kasteel Notre Dame (rechtsonder).

De Rue de Rémersdael gaat even later Bounder heten. Deze blijven we volgen en verlaten daarbij Wallonië om in Vlaanderen (provincie Limburg) te komen. De Gulp stroomt hier te ver van de weg af om ze te kunnen zien. Wel kunnen we nu aan de rechterkant mooi de beboste hellingen van het Gulpdal zien (afbeelding 2). Hoewel het maar om een klein riviertje gaat, moet er in de loop der tijd toch heel wat erosie hebben plaatsgevonden waarbij de Gulp zich in het landschap heeft kunnen insnijden. Er heeft niet alleen erosie in dat Gulpdal plaatsgevonden, we vinden er ook beekafzettingen van het riviertje zelf en löss die er tijdens de ijstijden als eolische (door de wind) afzetting terechtgekomen is. In de dalhellingen en verdere hogere delen langs de Gulp bestaat de ondergrond uit afzettingen uit het Boven-Krijt. Met dat Boven-Krijt hebben we het dan over de tijd waarin ze ontstaan zijn. Naast een tijdsaanduiding kennen afzettingen ook een volgorde van gesteentelagen. In deze volgorde van gesteentelagen behoren deze afzettingen uit het Boven-Krijt tot de Formatie van Vaals en de Formatie van Gulpen. Al deze afzettingen zullen ons blijven begeleiden tot de monding van de Gulp in de Geul bij de plaats Gulpen in de Nederlandse provincie Limburg. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 3. Langs de Kasteelstraat in Sinnich stroomt weer een klein stroompje richting Gulp (boven). Wat verderop, waar het in de Gulp uitmondt, komt van links nog een ander stroompje in de Gulp uit (linksonder). Op deze plaats kunnen we ook duidelijk zien hoe in de meanders (bochten) in het riviertje wordt geërodeerd en gesedimenteerd (rechtsonder).

Als we de weg Bounder blijven volgen, komt even later een spoorwegbrug aan onze rechterkant in beeld (afbeelding 2). Ze misstaat niet echt in de beboste omgeving. De weg gaat over van Bounder in Middelhof om daarna op de weg Obsinnich in de Voerstreek uit te komen. Hier gaan we rechtsaf. De weg gaat dan onder de spoorwegbrug door en we komen op een kruispunt van wegen vlakbij het kasteel Notre Dame. Een doodlopend weggetje (rechtdoor op het kruispunt) voert ons nu rechtstreeks naar de Gulp op een plek waar het riviertje door een mooie natuurlijke omgeving stroomt (afbeelding 2). We gaan terug naar de weg Obsinnich die even verder Sinnich gaat heten. Daarna komen we in het gehucht Sinnich waar we rechts de Kasteelstraat inslaan, die naar de Gulp voert (afbeelding 3). Rechts van de weg kabbelt een klein watertje dat ook op weg is naar de Gulp. Het is een van de vele stroompjes die het riviertje van extra water voorzien. Met al die extra zijstroompjes moet de Gulp langzaam maar zeker wel groter worden. Waar het stroompje in de Gulp uitmondt, zien we van de andere kant nog een ander stroompje dat nog meer water aanlevert (afbeelding 3). De Gulp meandert hier prachtig door het landschap. De buitenbochten van de meanders zijn steil; hier vindt erosie plaats. De binnenbochten daarentegen zijn veel vlakker want hier wordt sediment afgezet (afbeelding 3). Gelukkig kan de Gulp op heel veel plaatsen op geheel natuurlijke manier haar weg vervolgen waardoor we dit meanderen met zijn bijkomende verschijnselen her en der kunnen zien. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 4. De Gulp bij de slijpsteen (polissoir) van Slenaken. Deze foto's tonen de situatie zoals ze in 1982 was. Op de slijpsteen zijn de gleuven te zien die zijn ontstaan door het slijpen van stenen bijlen tijdens het Neolithicum.

Via Sinnich en Teuven steken we daarna de grens over en komen in Nederland bij Slenaken waar de Gulp op haar weg door de weilanden de zogenaamde slijpsteen van Slenaken passeert (afbeelding 4). Deze vele tonnen zware zandsteen - die ook wel met het Franse woord 'polissoir' als polissoir van Slenaken wordt aangeduid - werd tijdens het Neolithicum (Nieuwe Steentijd) gebruikt om stenen bijlen op te slijpen. Meer over zulke prehistorische bijlen en het slijpen ervan is te vinden op onze pagina Vuursteenbewerking in de prehistorie: geslepen vuurstenen bijlen. 

De Gulp geeft aan het toeristische Slenaken een zekere charme die past bij het idyllische en natuurlijke karakter van het Zuid-Limburgse landschap van Gulp en Geul. Toch zullen in het dorp de bewoners die aan of nabij het riviertje wonen er soms ook met een zekere ongerustheid naar kijken. De vreedzaam voortkabbelende Gulp kan immers zoals zoveel rivieren in een woeste en vernietigende stroom veranderen. Met deze minder vreedzame Gulp kreeg het dorp eind juli 2012 te maken. Het begon allemaal met hevig onweer en fikse regenval in België. Daardoor voerden al die kleine zijstroompjes van het riviertje in het Gulpdal ineens veel grotere hoeveelheden water af naar de Gulp met als gevolg dat die aanzwol tot die woeste stroom. Slenaken kreeg het daarbij net als meerdere andere plaatsen langs de Gulp zwaar te verduren. Volgens RTL Nieuws steeg het water in de toeristenplaats in een half uur met anderhalve meter waardoor de Gulp buiten haar oevers trad en de omgeving in korte tijd onderliep en allerlei zaken door de stroom werden meegesleurd. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 5. De Gulp ter hoogte van de Helenahoeve, net voorbij Slenaken.

Via de Dorpsstraat kunnen we Slenaken verlaten. Voorbij de Helenahoeve aan Dorpsstraat 57 gaat deze weg naar links over in de stijgende weg Piemert die naar Hoogcruts leidt. Deze weg stijgt doordat men zich hier via de dalhelling van de Gulp verwijdert. Vanaf deze helling krijgen we een goede indruk van de grootte en uitgestrektheid van het Gulpdal (afbeelding 6). Als we via de Heijenratherweg vanuit Heijenrath naar Slenaken zouden afdalen, zouden we eveneens een goede indruk van het dal krijgen (afbeelding 6). Dat de Gulp dit dal in de loop van vele duizenden jaren uitgesleten heeft, wordt wellicht iets beter voorstelbaar als we ons de gebeurtenissen van eind juli 2012 voor de geest halen. De Gulp heeft niet altijd het karakter en aanzien gehad van het riviertje zoals we dat nu kennen. Neem daar dan de immense tijd bij die beschikbaar was om het eroderende werk te doen en je krijgt een dal van dit formaat. En dat dit onweer van eind juli 2012 geen uitzondering was, kunnen we lezen in het boek 'Uit ons Krijtland' van Eli Heimans (1861-1914) dat voor het eerst in 1911 verscheen. De onderwijzer en natuurbeschermer schreef het boek naar aanleiding van een vakantie in juli 1910 rondom Epen en de Geul. Vlakbij Slenaken dus. In het hoofdstuk 'Watergeweld' beschrijft hij op zeer aanschouwelijke manier waartoe het water na een onweersbui in het reliëfrijke Zuid-Limburg in staat is en hoe het meewerkt aan het ontstaan van dalen. En tussen die bui in 1910 en die in 2012 zullen zeker nog meer van dergelijke buien met hun eroderende werking voorgekomen zijn ... Ruim zestig jaar na de oorspronkelijke uitgave verschenen fotografische herdrukken van het boek dat we zeker een aanrader vinden voor de liefhebber van en geïnteresseerde in het Zuid-Limburgse landschap. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 6. Het Gulpdal vanaf de stijgende weg Piemert, net voor Hoogcruts (linksboven). Als we via de Heijenratherweg vanuit Heijenrath naar Slenaken zouden afdalen, zouden we eveneens een goede indruk van het dal krijgen (rechtsboven). De meanderende Gulp in het voorjaar ter hoogte van de Helenahoeve (linksonder). De voorde in de Gulp bij de Grote Bosweg (rechtsonder).

Voor het voortzetten van de tocht langs de Gulp moeten we echter niet het Gulpdal verlaten. Bij de Helenahoeve gaan we daarom eerst aan de overkant van de weg via een draaihekje het weiland in om weer bij het riviertje te komen (afbeelding 5 en 6). Het meanderen en het verschil tussen buiten- en binnenbochten met hun erosie en sedimentatie kunnen we goed bekijken. Een informatiebord van het Waterschap Roer en Overmaas waarschuwt ons op deze plaats voor de slechte waterkwaliteit. We lezen dat het water bacteriologisch verontreinigd is en dat onze gezondheid gevaar loopt. We zouden er onder andere diarree en maag- en darmstoornissen van kunnen krijgen. Maar dat vermoeden hadden we al want verder stroomopwaarts zagen we al hoe uit pvc-buizen in muurtjes bij woningen langs de oever water in het riviertje stroomde. En dat zal in de extreem droge zomer en nazomer waarin wij onze tocht langs de Gulp maken geen regenwater zijn... Het is dus toch niet allemaal zo idyllisch als het lijkt. 

Vanaf de Helenahoeve gaan we via de Dorpsstraat verder. Om de Gulp verder te kunnen bekijken, gaan we op de plek waar de weg naar links in Piemert overgaat, naar rechts, naar de weg Beutenaken. Na ongeveer 400 tot 500 meter gaat hier rechts weer een weggetje (de Grote Bosweg) in de richting van het bos. Al direct na het inslaan van dit weggetje staan we bij een doorwaadbare plaats (een voorde) in het riviertje (afbeelding 6). Natte voeten hoeft men er echter niet te halen want naast de voorde gaat een klein bruggetje over het water. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 7. In de molshopen langs de Grote Bosweg kunnen we belemnieten vinden (linksboven en rechts). Tussen Beutenaken en Euverem zien we in de verte de Gulp door de weilanden meanderen. Koeien gebruiken het water ervan om te drinken terwijl ze onder de bomen verkoeling kunnen zoeken (linksonder).

Al eerder hebben we vermeld dat in de dalhellingen afzettingen uit de Formatie van Vaals en de Formatie van Gulpen voorkomen. Als we de Grote Bosweg in de richting van het bos volgen, zullen we daar een mooi bewijs van geleverd krijgen. We gaan vooral op molshopen letten: mollen werken immers de ondergrond naar boven, zodat we op deze plaats in de molshopen losgewerkt materiaal vinden uit de Formatie van Gulpen. Dat kan uit stukken en gruis van witte kalksteen bestaan, of uit aarde, die er groen uitziet door glauconiet. Bij de Grote Bosweg zien we dat het overal om witte kalk gaat waarin we hier en daar stukken van belemnieten tegenkomen (afbeelding 7). Een bepaald deel van de Formatie van Gulpen is erg rijk aan dergelijke belemnieten. Die laag is voor ons echter niet overal toegankelijk. Dankzij de mollen kunnen we er een glimp van opvangen. 

We keren terug naar de voorde en volgen verder de weg Beutenaken, die op een gegeven moment overgaat in de Slenakerweg. De Gulp stroomt daarbij aan onze rechterkant. Hier en daar kunnen we goed zien hoe ze door het landschap meandert (afbeelding 7). In Euverem gaan we vervolgens rechtsaf, de Kampsweg in. Deze gaat kort daarna over de Gulp heen (afbeelding 8) en we komen in Pesaken waar de Kampsweg de weg Pesaken kruist. Aan onze linkerkant vormt deze weg Pesaken een holle weg waar in de berm de geelgroenige afzettingen van de Formatie van Vaals dagzomen. Als we rechtdoor de Kampsweg volgen, komen we al snel in een bosachtige omgeving waar links in de helling dassenburchten liggen. Dassen doen hetzelfde als mollen: ze werken bij het graven van hun burchten (holen) de ondergrond naar boven. Bij de Kampsweg blijkt dat om groenige glauconietgrond te gaan en daar zitten weer belemnieten in. Soms zijn dat heel mooie exemplaren. Door de regen spoelen ze tot aan de weg waar men ze kan verzamelen zonder dat daarbij de dassen gestoord worden. Daar moet wel bij gezegd worden dat dit verzamelen vaak een kwestie van goed zoeken is (afbeelding 8). 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 8. De Gulp bij de Kampsweg in Euverem. Ook hier is aan de pitrus te zien dat de weilanden eromheen nat zijn (eerste twee foto's). Bij de dassenburchten in het verlengde van de Kampsweg kunnen we belemnieten vinden. Het verzamelen is wel een kwestie van goed zoeken (derde en vierde foto; de pijl wijst een belemniet aan).

We gaan terug naar Euverem en daarna via de Slenakerweg naar de Rijksweg N278 die we in de richting van Gulpen volgen. Bij de verkeerslichten aan het begin van de plaats slaan we rechtsaf naar de Molenweg. Bij nummer 2A ligt de Neubourger Molen (Molen van Roex) met een aftakking van de Gulp (de zogenaamde molentak) om het waterrad met water te kunnen aandrijven (afbeelding 9). Als we teruggaan naar de Rijksweg N278 passeren we de brug over de Molenweg waar de molentak weer aansluit bij de echte Gulp. Bij de verkeerslichten slaan we rechtsaf en volgen de Rijksweg om een stuk verder in Gulpen aan de linkerkant de Nieuwstraat in te gaan. In deze straat gaan we voor de brug over de Gulp rechtsaf de Burggraverweg in. Deze weg gaat verderop in het Burggravervoetpad over. We lopen hier direct langs de Gulp. Via een piepklein bruggetje met een draaihekje passeren we een klein stroompje (afbeelding 10). Een buurtbewoner die er met zijn hond wandelt, vertelt ons dat de bron van dit stroompje een klein stukje verderop ligt. We kunnen ons echter de moeite besparen om dat te gaan bekijken, want van dat bronnetje schijnt niets zichtbaar te zijn. De man vertelt ons verder dat het hier een zompig gebied is waar het water op meerdere plekken aan de oppervlakte komt om dan uiteraard in de Gulp terecht te komen. 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 9. De Neubourger Molen met de molentak voor en na het waterrad (eerste drie foto's). De Gulp zelf, die hier achter de molen langs loopt, voert nu maar weinig water (4e foto). Het kaartje rechts schetst de Gulp en haar molentak ter hoogte van de watermolen. 

We volgen het Burggravervoetpad nog een klein stukje verder door het weiland om dan bij de monding van de Gulp in de Geul te komen (afbeelding 10). De Geul wordt hier trouwens niet alleen met water van de Gulp gevoed, want een klein stukje verder stroomopwaarts komt ook de Eyserbeek erin uit (afbeelding 10). 

De Gulp rivier zijrivier Geul
Afbeelding 10. Vlakbij de monding van de Gulp in de Geul mondt er nog een klein stroompje in uit. We zien hoe het uit de weilanden komend onder een piepklein bruggetje door gaat en dan in de Gulp stroomt (eerste twee foto's). De monding van de Gulp in de Geul (derde foto). Een klein stukje verder stroomafwaarts mondt de Eyserbeek in de Geul uit (vierde foto).

Bij de beschrijving van de locaties is sprake van momentopnames. De kans bestaat dat situaties op een later tijdstip niet meer hetzelfde zijn. Beschouw de vindplaatsgegevens en routebeschrijvingen dan ook als richtlijnen die in mindere of meerdere mate veranderd kunnen zijn. Bepaal zo nodig vooraf aan de hand van kaarten of de beschreven situatie overeenkomt met de werkelijkheid. Haal geen halsbrekende toeren uit om een bepaalde plek te kunnen bezoeken of te bekijken. Houd steeds de veiligheid in de gaten en bepaal zelf van geval tot geval wat nog wel en wat niet meer verantwoord is. Oplettendheid en gezond verstand zijn vaak je beste beschermers.

Tekst: Jan Weertz
Foto's: Jan en Els Weertz
© De Belemniet