De Belemniet

Home

Onderwerpen

Producten

Excursiepunten

Contact

Links

Over ons

Sitemap

Windkanters of windkeien

Een erfenis uit de ijstijd

Zandstormen in Nederland

Ooit tijdens een storm of heel harde wind bij een zandwoestijn geweest? Zeker met onbedekte huid is dat niet echt een prettige ervaring. Een van de vervelende kanten ervan wordt veroorzaakt door het in de lucht meegevoerde zand. Zandkorrels worden met grote kracht tegen je aangeblazen. Wat je voelt, is een pijnlijk prikkelen want je wordt in feite gezandstraald. In Nederland kunnen we dit verschijnsel tijdens stormen meemaken in onze stuifzandgebieden en aan het Noordzeestrand (afbeelding 1)

stuivend zand windkracht 11 strand
Afbeelding 1. Als er voldoende wind is, kan zand behoorlijk stuiven. Dat zien we hier op het strand bij Oostkapelle (Zeeland) bij een storm met windkracht 11. Als de storm opkomt, waait het zand alleen nog maar op lage hoogte over het strand (linksboven). Als het dan harder gaat waaien, is van het strand zelf al niets meer te zien. Als de storm vol op de kust staat, is van mensen alleen nog maar het bovenste gedeelte te zien doordat de wegwaaiende zandlaag een behoorlijke dikte heeft. Maar ook op gezichtshoogte vliegen veel zandkorrels met flinke snelheid door de lucht. Ze voelen als speldenprikken op de huid aan (onder).

Wat zijn windkanters en hoe ontstaan ze?

In het verre verleden deed zich het fenomeen zandstralen op veel grotere schaal voor in Nederland en omgeving. De omstandigheden ervoor waren vaak erg gunstig tijdens de ijstijd. Een bewijs daarvan vinden we nu nog steeds op allerlei plaatsen in Nederland terug: de windkanters ofwel windkeien (afbeelding 2, 3 en 4). Windkanters zijn stenen die door dit zandstralen een of meer geslepen kanten hebben. Doordat de harde, met zand beladen wind tegen de stenen werd geblazen, werden deze afgeschuurd aan de kant van waar de wind kwam. Doordat de wind niet steeds uit dezelfde richting kwam en de stenen zelf ook wel van positie veranderden, konden er meerdere geslepen kanten ontstaan. Waar die geslepen kanten bij elkaar komen, zien we scherpe grenslijnen (afbeelding 2, 3 en 4) op de steen. Regelmatig vinden we die geslepen vlakken en scherpe grenslijnen aan zowel de boven- als onderkant van de stenen (afbeelding 2). Dit verschijnsel kan zich voordoen doordat stenen bijvoorbeeld van een helling naar beneden zijn gerold en daardoor op hun kop kwamen te liggen. 

windkanters
Afbeelding 2. Windkanters uit Nederland. De rode pijlen geven de scherpe grenslijnen aan. De donkere windkanter heeft zowel aan de bovenkant (midden) als aan de onderkant (rechts) geslepen kanten. De speld is 3 cm lang.

Hoeveel tijd is er nodig om een windkanter te laten ontstaan?

De tijd die nodig was om een gewone zwerfsteen in een windkanter om te vormen, is niet bij alle exemplaren hetzelfde geweest. Sommige steensoorten laten zich namelijk gemakkelijker afschuren dan andere. En ook de frequentie van stormen en harde wind en de hoeveelheid getransporteerd zand zullen een rol hebben gespeeld. Die zijn zeker niet altijd hetzelfde geweest. Onderzoek in gebieden waar nog steeds windkanters ontstaan, heeft uitgewezen dat het ontstaan ervan enkele jaren tot meerdere eeuwen in beslag kan nemen.

windkanters
Afbeelding 3. Diverse windkanters. De windkanter rechts komt uit Denemarken. De andere windkanters stammen allemaal uit Nederland. De speld is 3 cm lang.

Wanneer zijn de Nederlandse windkanters ontstaan?

Tijdens de ijstijd (afbeelding 5) in Nederland gevormde windkanters stammen uit het Saale-glaciaal (238.000 - 128.000 jaar geleden) en het Weichsel-glaciaal (116.000 - 11.500 jaar geleden). Tijdens het Saale-glaciaal (afbeelding 5 en 6) drongen dikke gletsjertongen van het landijs tot diep in ons land door. Ongeveer de helft van Nederland werd erdoor bedekt. Tijdens het Weichsel-glaciaal (afbeelding 5 en 6) kwam het landijs niet verder dan het huidige Hamburg (Duitsland). Het bereikte ons land toen dus niet. Wel heersten er tijdens beide glacialen ten zuiden van de ijsbedekking vaak barre polaire omstandigheden. De bodem was wel tot grote diepte (honderden meters) bevroren. We noemen dit permafrost. Alleen tijdens de korte zomers kon dan een dunne bovenlaag ontdooien. Vegetatie was er nauwelijks tot niet en de wind had dus vrij spel. Hierdoor kon zand op de droog gevroren bodem gemakkelijk weggeblazen worden. Zand als schuurmiddel voor het slijpen van zwerfstenen was ruim voorhanden en er zijn tijdens die glacialen dan ook heel wat windkanters ontstaan. 

windkanters
Afbeelding 4. Diverse windkanters uit Nederland. De speld is 3 cm lang.

Waar vinden we in Nederland windkanters?

Windkanters kunnen in Nederland op meerdere plaatsen op onbegroeide grond gevonden worden. Wij troffen ze aan in 't Gooi, op de Utrechtse Heuvelrug en op de noordelijke Veluwe. Maar ook in andere delen van ons land, zoals in de Achterhoek en Twente en delen van Friesland, Groningen en Drenthe kunnen ze gevonden worden. 

schema ijstijd glacialen grootste uitbreiding landijs Saalien Weichselien
Afbeelding 5. Een ijstijd is onderverdeeld in glacialen en interglacialen. In een glaciaal kennen we stadialen en interstadialen. Afbeelding 6. Links: globale weergave van de uiterste grens van het landijs tijdens het Saalien (groen) en het Weichselien (geel). Rechts: globale weergave van de ijsbedekking (blauw) in Nederland tijdens het Saalien.

Ook buiten Nederland komen windkanters voor.

Buiten Nederland zijn er ook heel wat gebieden waar windkanters voorkomen. En zelfs verderop in ons zonnestelsel komen we ze tegen. Tijdens onbemande vluchten naar Mars zijn daar mooie foto's van gemaakt.

Tekst en overzichtskaartjes: Jan Weertz
Foto's: Jan en Els Weertz
© De Belemniet