|
|||||||||||||||||||||
BrachiopodenBrachiopoden ofwel armpotigen zijn een aparte stam van het dierenrijk. Net zoals tweekleppigen (Bivalvia) waarvan we de schelpen in grote aantallen aan de zandstranden van de Noordzee kunnen vinden, hebben ze een week lichaam dat beschermd wordt door twee schelpkleppen. Toch zijn brachiopoden heel andere dieren dan de tweekleppigen. De klasse der tweekleppigen behoort tot de stam der weekdieren (Mollusca) terwijl de brachiopoden een geheel eigen stam vormen die op zich weer een onderverdeling in klassen kent.
De indeling van brachiopoden en tweekleppigen in twee aparte stammen heeft uiteraard te maken met verschillen die er zijn. Het meest opvallende verschil kunnen we bij de schelpen van de dieren vinden. Zo zien de buik- en rugschelp van een brachiopode er verschillend uit terwijl bij tweekleppigen de schelphelften identiek zijn. Als we naar de afzonderlijke schelphelften kijken dan zien we dat de linker- en rechterkant daarvan bij brachiopoden hetzelfde zijn. Bij tweekleppigen zijn die linker- en rechterhelften verschillend; ze zijn dus niet symmetrisch (afbeelding 2).
Zoals
dat vaak het geval is, zijn er hier ook weer uitzonderingen die de
regel bevestigen. Er bestaan bijvoorbeeld ook tweekleppigen waarvan de
twee schelphelften niet identiek zijn terwijl er verder brachiopoden
bekend zijn die een bijna identieke buik- en rugschelp hebben. Een mooi
voorbeeld van deze uitzondering vormt bij de tweekleppigen de grote
mantel (Pecten maximus) die we ook wel kennen als de Sint-Jacobsschelp
en als embleem van de oliemaatschappij Shell. Deze tweekleppige heeft
zowel een bolle als een platte schelp terwijl de linker- en
rechterhelft van de afzonderlijke schelpen er hetzelfde
uitzien (afbeelding 2).
Naast het opvallende verschil bij schelpen van brachiopoden en tweekleppigen zijn er nog andere verschillen zoals bij de anatomie van de zachte delen en bij de ontwikkeling van de dieren. Bij het vinden van fossiele exemplaren valt daar echter niet zo veel mee te doen.
Brachiopoden zijn sessiele zeedieren. Dat wil zeggen dat ze op de ondergrond vastzitten en zich dus niet kunnen voortbewegen. Veel soorten zitten met een vlezige, gespierde steel op die ondergrond vast. Met speciale vangorganen wervelen de dieren water in de schelp waar ze dan de planktonische voedseldeeltjes eruit filteren. Daarna verlaat het water de schelp weer. Voor het openen en sluiten van de schelp hebben brachiopoden speciale open- en sluitspieren. Voor de begintijd van de brachiopoden moeten we heel ver in de geologische geschiedenis teruggaan. De eerste soorten kwamen namelijk al vroeg in het Cambrium voor, meer dan vijfhonderd miljoen jaar geleden. Een aantal soorten bereikt tijdens dat Cambrium zelfs al een grote ontplooiing. Het hoogtepunt van hun ontwikkeling bereiken ze tijdens het vroege Devoon, ruim vierhonderd miljoen jaar geleden. In gesteenten uit die tijd kunnen ze massaal voorkomen. Niet zo ver van de Nederlandse grens, in de Eifel in Duitsland, komen we ze op allerlei plaatsen veelvuldig in de kalksteen uit het Midden-Devoon tegen.
De echte bloeitijd van de brachiopoden loopt pas in het Perm ten einde. We zouden dus kunnen zeggen dat het typische dieren van het Paleozoïcum zijn. Maar ook tijdens het erop volgende Mesozoïcum blijven de brachiopoden nog een aardige, zij het mindere rol spelen. Tijdens het eerste deel van dat Mesozoïcum, het Trias, neemt het aantal soorten en geslachten wel behoorlijk af maar gedurende de Jura en het Boven-Krijt is er toch nog een zekere opleving. We komen weer heel wat brachiopoden tegen in de kalksteen van het boven Krijt in het zuiden van Belgisch en Nederlands Limburg.
Tegenwoordig komen nog een paar honderd soorten brachiopoden voor. Dat is niet zo veel als we bedenken dat er zo'n 30.000 fossiele soorten (zie ook afbeelding 1) bekend zijn. Bijna alle nog bestaande soorten komen in de zee op het continentale plat, in de aan het vasteland grenzende littorale zone voor. Maar enkele soorten vinden we in de diepzee terug. Voor wie meer over brachiopoden wil weten, zijn wellicht de onderstaande (Duitstalige) boeken interessant. Voor het schrijven van dit item over brachiopoden is onder andere van deze boeken gebruik gemaakt. • Eifel-Brachiopoden van Hans J. Jungheim is een uitgave van Goldschneck-Verlag uit 2000 (126 bladzijden). Het boek geeft niet alleen goede informatie over brachiopoden in het algemeen, maar bevat ook een uitgebreid begrippenlexicon en een uitvoerige determinatie met afbeeldingen van brachiopoden uit de Eifel in Duitsland. •
Die Eifel
(Erdgeschichte, Fossilien, Lebensbilder) is ook
door Hans J. Jungheim geschreven en uitgegeven bij Goldschneck-Verlag
in 1996 (229 bladzijden). Dit boek bevat een heel hoofdstuk met
zwartwit foto's en tekeningen over brachiopoden. Ook hier is aandacht
voor determinatie van brachiopoden uit de Eifel. Tekst en
foto's: Jan Weertz |
|||||||||||||||||||||
© De Belemniet |